21-03-07

Nummer 31

Boudewijn De Groot met Testament - 1967

Nederlandstalige zanger die met name in de jaren '60 uiterst succesvol is. Boudewijn de Groot scoort zijn eerste hit in 1965 met 'Meisjes Van Zestien' en staat twee jaar later op de eerste plaats van de Top 40 met 'Land Van Maas En Waal'. 'Jimmy' gaat over zijn zoon die zanger en musicalster is. Behalve voor zichzelf, schrijft De Groot ook hits voor Liesbeth List, Ramses Shaffy en Rob de Nijs. Na in 1984 aangekondigd te hebben ermee te stoppen, maakt hij in 1996 zijn comeback met het album Een Nieuwe Herfst. Op 28 november 2002 overlijdt Leannaert Nijgh, de vaste tekstschrijver van Boudewijn de Groot.

Hoewel het grootste deel van zijn repertoire uit breekbare liedjes over de liefde en het leven gaan, staat Boudewijn de Groot bekend als dé protestzanger van Nederland. En van dat imago komt hij waarschijnlijk nooit meer helemaal af. Onterecht. Want Boudewijn de Groot is meer dan een zangertje die tegen de maatschappij schopt. Boudewijn de Groot is één van de grootste muzikanten die Nederland ooit voortbracht. 

Boudewijn de Groot komt naar Nederland als hij twee jaar oud is. Zijn moeder is dan al een jaar dood. (Ze overlijdt in een Japans gevangenenkamp in Indonesië, een jaar nadat Boudewijn wordt geboren.) Zijn vader moet echter terug naar Nederlandsch-Indië, om zijn pensioen veilig te stellen. Hierdoor groeit de kleine Boudewijn op bij zijn Tante Alie, die hij als moeder beschouwt. 

Op het Haarlemse Coornhert Lyceum ontmoet Boudewijn de man waarmee hij zijn leven lang verbonden zal blijven, tekstschrijver Lennaert Nijgh. Op de middelbare school al schrijven ze hun eerste liedjes, sterk onder invloed van de dan populaire, studentikoze zanger Jaap Fischer. Na de middelbare school gaat Boudewijn naar de Amsterdamse Filmacademie. Hij werkt onder meer mee aan de totstandkoming van het eerste nummer van het filmblad Skoop. Samen met Lennaert, die een jaar later dan Boudewijn ook naar de Filmacademie gaat, heeft hij dan al 1962 de 8 mm-film 'Feestje Bouwen' geschoten, waarin Boudewijn twee zelf geschreven liedjes speelt en zingt: 'De Kater' en 'Bij het Raam'. 

Op 8 februari 1964 wordt deze film in huiselijke kring vertoond bij een Haarlemse doktersfamilie. Een van de aanwezigen is NOS-journaal-lezer Ed Lautenschlager. Deze is niet zo onder de indruk van de film, maar de liedjes van Boudewijn spreken hem wel aan. Hij geeft het duo het advies een bandje op te nemen, dat hij dan onder de aandacht van platenmaatschappij Phonogram zal brengen. Geheel in stijl van Jaap Fischer wordt in keurig gearticuleerd ABN de eerste singles opgenomen, onder meer 'Elégie Prénatale' en 'Strand'. Boudewijn is echter nog steeds meer gericht op het filmmaken. 

Min of meer tegen zijn zin neemt Boudewijn in 1965 een door Lennaert Nijgh vertaald chanson op van Charles Aznavour, 'Une Enfant De 16 Ans', ditmaal met een elektrisch versterkt orkest. Tot zijn verbijstering komt 'Een Meisje Van 16' in oktober 1965 in de hitparade, waar het 13 weken verblijft. Het grote publiek ontdekt hem, de scheidslijn tussen ‘cultureel verantwoorde muziek’ en ‘muziek voor de massa’ verdwijnt. Na het succes van 'Een Meisje Van 16' besluit Boudewijn de Groot prof te worden. In navolging van onder meer Bob Dylan en Donovan neemt hij de protestsong 'Welterusten Mijnheer de President' op. Van dezelfde twee zangers verschijnen ook vertalingen op zijn eerste lp. Boudewijn de Groot groeit in korte tijd uit tot Nederlands populairste liedjeszanger. 

Begin 1967 wordt zijn grootste succes uitgebracht, het door Jeroen Bosch geïnspireerde 'Land van Maas en Waal', een nummer 1 hit in Nederland. De lp Voor de Overlevenden (1966) wordt gezien als zijn eerste echt volwassen product. Een album vol klassiekers, met thema's als verloren liefdes, voorbijgaande vriendschappen en voorbije jeugd. Het feit dat tekstschrijver Nijgh in die tijd een hoop liefdesverdriet te verwerken krijgt, heeft duidelijk zijn invloed op de plaat gehad. 

Onder invloed van de opkomende hippiebeweging en uitgedaagd door het blad Hitweek maakt De Groot in 1967 de flowerpowerplaat Picknick, dat Sgt. Pepper's Lonely Hearts Club Band van de Beatles als voorbeeld heeft. Het is zijn minst persoonlijke lp, zegt hij later. Een jaar later verbreekt hij de samenwerking met Lennaert Nijgh. Hij wil afstand nemen van het al te veel terugblikken op tijden en vrienden van vroeger. Met zijn oude studiegenote Lucien Duzee begint hij te werken aan het album Nacht En Ontij. Een lp vol trollen en kobolds, heksen, magiërs, sagen en legenden. Er wordt flink gestrooid met mythische en mystieke namen. Nederland begrijpt de plaat niet, De Groot raakt vervreemd van zijn achterban. 

Er wordt wat geëxperimenteerd met muziek, maar De Groot vindt niet echt zijn weg en raakt uit de spotlights. In 1972 komt het tot een hernieuwde samenwerking met Lennaert Nijgh. Het resultaat is de lp Hoe Sterk Is De Eenzame Fietser, waarvan de single 'Jimmy', geschreven door Ruud Engelander, een grote hit wordt. Boudewijn zelf noemt het zijn "donkerste en minst begrepen" lp. In deze tijd ook helpen Boudewijn en Lennaert weer gang te krijgen in de carrière van Rob de Nijs, Waar Ik Woon En Wie Ik Ben wordt zijn meest persoonlijke lp, waarop hij een openhartige kijk geeft op de 'liedjeszanger Boudewijn de Groot' en keihard afrekent met zijn verleden. 

In een interview zegt hij dat hij met Lennaert Nijgh niet de juiste relatie heeft om dit soort zeer persoonlijke teksten te schrijven. Eind 1979 laat hij zich overhalen om te gaan toeren door België. De tour wordt een doorslaand succes. In zijn begeleidingsband ‘De Jeroen Bosch-Band’ spelen twee jonge onbekende muzikanten, genaamd Henny Vrienten en Ernst Jansz. In 1977 vertrekt De Groot met vrouw en kind naar Los Angeles, onder andere om er een cursus te volgen bij Dick Grove's Music Workshop: notenschrift leren, arrangeren, harmonie. Een jaar later noopt geldgebrek hem terug te keren naar Nederland. 

Een nieuwe tournee volgt in 1979/1980 met een andere begeleidingsband en nu worden ook Nederlandse plaatsen aangedaan. Opnieuw is succes zijn deel, maar het is duidelijk dat de mensen voor oude successen komen. Later keert hij terug naar LA om de workshop af te maken. Hij bekwaamt zich ook in het schrijven van filmmuziek. Zijn platen zijn weinig succesvol en de stille dood van de lp Maalstroom (1984) doet hem besluiten zijn gitaar aan de kant te zetten. Hij is het muzikant zijn beu. Hij houdt zich op de achtergrond en schrijft af en toe wat muziek voor films. In 1991 wordt de stilte rond De Groot wordt pas echt doorbroken als hij gevraagd wordt de rol van Tsjechov te spelen in de gelijknamige musical. De kritieken zijn over het algemeen lovend. In 1995 staat hij opnieuw op het toneel, ditmaal in de rol van Otto Frank in het toneelstuk 'Het Dagboek Van Anne Frank'. Zijn muzikale carrière wordt in datzelfde jaar weer opgepakt, als in december de opnames starten voor Een Nieuwe Herfst. Hierop werkt hij opnieuw samen met Lennaert Nijgh, die met journalistieke en aanverwante werkzaamheden de kost verdient. De cd komt in de zomer van 1996 uit en wordt beschouwd als een meesterwerk. 

07:31 Gepost door Kurt in Muziek | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

Commentaren

Testament Boudewijn de Groot De laatste alinea moet met het onderstaande worden aangevuld.

"nen mij tenslotte ook niet dwingen
groot te worden zonder diep berouw en spijt.

En dan heb ik ook nog enkele goede vrienden
maar die hebben al genoeg van mij gehad.
Dus ik gun ze nu het loon dat ze verdienden,
alle drank die ze van mij hebben gejat.
Verder niets, er zijn alleen nog een paar dingen
die ik houd omdat geen mens er iets aan heeft,
dat zijn mijn goede jeugdherinneringen,
die neem je mee zolang je verder leeft."

Gepost door: W. Hermens | 21-11-07

De commentaren zijn gesloten.